- De bekkensnijder en tongschraper -


De bekkensnijder


Een bloederig verhaal uit het verleden. 

De munten hier afgebeeld heb ik recent gevonden op een weiland te Gapinge. Het gaat hier om geknipte of gezaagde munten en ik was verbaasd te lezen waar het hier om ging.

Het bekkesnijden is een spel uit het verleden dat thuishoorde in de kroegen van weleer. Het was een vechtspel dat met een mes, maar ook met een gekarteld/verzaagd (afgeschreven) koperen muntje kon worden gespeeld.


De bedoeling was om je tegenstander met dit muntje zo snel mogelijk te verwonden in het gezicht waarbij het bloed rijkelijk vloeide. Dit spel bracht de meest bedreven spelers respect.

Vroeger waren deze zogeheten bekkensnijders met de meeste littekens dan ook erg in trek bij de dames. Maar omdat dit tijdverdrijf toch wel een vrij barbaars spel genoemd mag worden werd het dan ook in de achttiende eeuw verboden. Om precies te zijn werd het in het jaar 1750 verboden, maar in het geheim werd het spel nog tot diep in de achttiende eeuw gespeeld. 


De tongschraper


Munten die afgeschreven waren hadden in vroeger tijden nog altijd een behoorlijk nut. Zo kon de munt altijd nog dienst doen als een medisch instrument. De Zeelandia duit links en rechts zijn door mijzelf gevonden waarna ik op zoek ging naar de betekenis van de kartelrand. 

 

Hieronder een zilveren Schelling die wordt tentoon gesteld in het landbouwmuseum in Earnewâld (Friesland). Deze is verzaagd tot een tongschraper waarmee boeren in vervlogen tijden van veepest er de tongblaren mee kapot sneden van hun koeien. In de zeventiende eeuw werd er dus behoorlijk creatief omgegaan met oude munten. Duiten die werden afgeschreven waren hierbij het meest gewild door de chirurgijn. Deze zaagde er een kwart deel uit om er zodoende een medisch hulpmiddel van te maken. 


Deze verzaagde duiten komen we soms tegen in de boedels van vergane V.O.C. schepen. Aan boord van de schepen in die tijd braken er vaak zeer nare ziektes uit. Zo was scheurbuik de meest gevreesde, en werd dit veroorzaakt door een langdurig tekort aan vitamine C, op die vaak erg lange zeereizen van maanden of jaren. 

Naast nare symptomen zoals bloedend tandvlees en een algehele vermoeidheid kregen zeelieden dan ook blaren op de tong. Zij konden maar met pijn en moeite eten van het harde scheepsbeschuit. 


Bloed en pus

Dan kwam de chirurgijn met zijn gekartelde munt en met de zaagtanden sneed hij de blaren kapot. In de meeste gevallen had hij een gat in de duit geboord. Hierdoor kon al het bloed en pus weglopen. Na het wegsnijden mocht de patiënt nog even spoelen en gorgelen met wat brandewijn. Pijnstillers kende men ook al, maar niet zoals wij er bekend mee zijn. De scheepslieden die waren behandeld mochten na het tong schrapen kauwen op bieslook of ui.

 

Maar deze manier van medisch handelen was al bekend bij de Romeinen en deze 'muntkennis' werd later overgebracht op de boeren. Het Landbouwmuseum ontdekte dat in het boekwerkje ‘De Friesche stalmeester en koeijen-dokter’ uit 1772 waar het creatief gebruik van oud geld al werd aanbevolen.

‘En zoo dra men één of meer blaaren op de tong gewaar word, moet men door schraaping met een plat Yzer, waar aan fyne tanden gevyld zyn, doen barsten; doch een stuk plat zilver word hier toe veel beter geacht.’


Antiseptische behandeling

Zilveren Schellingen waren het allerbeste om te gebruiken. Beter dan een koperen Duit, omdat men wist dat zilver een antiseptische (ontsmettende) werking had. Een koe zou de behandeling dus eerder overleven door zilver te gebruiken. De boer schoof een stokje door het gaatje van de munt zodat hij gemakkelijker bij de blaren op de tong kon. Het is zelden dat dergelijke tongblaarschrapers worden teruggevonden. Het is alweer jaren geleden dat er in Den Bosch een drie-stuiverstuk opdook dat was verzaagd tot een tongblaarinstrument. Dit muntje stamde uit het jaar 1622 en was geslagen in Bourgondië. 

 

In de zeventiende eeuw werden (Arend) Schellingen uitgegeven in Zwolle, Kampen, Friesland, Nijmegen, Batenburg, Kleef en Thorn. Dat zijn dus maar een beperkt aantal steden. 

Deze Arendschellingen zijn daarom ook erg gewild op de diverse verzamelaarforums. Gave exemplaren zijn zo'n 125 euro waard. Maar hier zitten helaas nooit gekartelde exemplaren bij.